Добавил:
Upload Опубликованный материал нарушает ваши авторские права? Сообщите нам.
Вуз: Предмет: Файл:
leerkortom.eu - Ontwikkeling.docx
Скачиваний:
0
Добавлен:
01.07.2025
Размер:
7.8 Mб
Скачать
  • BASISKRABBELS:

    • Bewegingsspoor. ( een streep over een papier zetten, jou handeling zorgt er voor dat je een streep op het papier zet).

    • Nog geen verwijzingswaarde.

    • Meer geïnteresseerd in tekenen op zich dan in product.

    • Meer variatie naargelang motorisch sterker.

    • Vanaf het een potlood kan vasthouden in zijn hand.

  • Vlakverdeling

 Verschillende vlakken waarin het papier verdeelt wordt.

3.1.2: 3-4 jarigen:

  • Vormstadium - vlakverdelingspatronen

    • Diagrammen: eenvoudige vormen. ( cirkels, driehoeken,.)

  • ONTWERPSTADIUM:

    • Combinaties: twee vormen gecombineerd

    • Aggregaties: drie of meer vormen gecombineerd

    • Betekenis toekennen achteraf (= toevallig realisme) ( toevallig een huisje getekend hebben).

      • Verwijzingswaarde

      • Achter af betekenis toevoegen, deze betekenis kan nog veranderd worden. Vb. zonnetje , maar bij mama is het een bloem.

3.1.3: Picturale stadium ( 4-5 jarigen):

  • Figuratieve tekeningen:

    • start kopvoeter

  • Meer details.

  • Betekenis proberen toekennen vooraf. (soms mislukt realisme)

 Vooral menselijke figuren ( gezichten)

3.1.4: 5- 6 jarigen:

  • Meer organisatie en structuur:

    • Kwaliteit ‘hoogtepunt’. Details worden meer belangrijk, combineren van dingen, vb. Een huis tekenen, met een boom, mama, papa mezelf en poesje.

    • Verschillende figuren in gemeenschappelijke context.

  • Kind tekent wat het weet, niet wat het ziet ( = verstandelijk realisme). ( niet altijd de realiteit, maar wat door ervaren wordt).

  • Zoals kind het beleeft.

  • Geeft weer hoe het kind de wereld ervaart.

Cf. Piaget:

    • Tekenen op basis van de aanwezige cognitieve schema’s.

    • Assimilatie (werkelijkheid aanpassen).

  • Kenmerken van tekenen in dit stadium:

    • Uitvouwend tekenen. Vb. tafel met 4poten, in profiel toch 2 ogen.( deze 2 ogen zijn er, dus moeten ze er tekenen.  Hoe zij het weten , het kennen).

    • Transparant tekenen. Vb. Man met een broek.

    • Tekenen zonder perspectief. Vb. Moeder wordt even groot getekend ongeacht waar ze staat.

    • Beleving: belangrijke dingen worden groter getekend. Vb. Sinterklaas. ( waar zij veel belang aan hechten gaan ze het groter tekenen).

3.1.5: 8-9 jarigen:

      • Zoals het kind het ziet ( = visueel realisme).

  • Cf. Piaget:

    • Minder egocentrisme.

    • Accommodatie.

Vraag: Bij welk stadium horen deze tekeningen?

 Krabbelstadium. ( basiskrabbels)

 5- 6 jarigen.

 8-9 jarigen.

 3-4 jarigen (picturale fasen)

  • De tekening van peuters en kleuters doorlopen een aantal stadia ( Kellogg):

  • Het 1ste is het krabbelstadium: Waarbij het eindproduct bestaat uit ogenschijnlijk willekeurige strepen over het papier. Maar dat is niet het geval: Krabbeltekeningen kunnen worden onderverdeeld in 20 verschillende categorieën , zoals horizontale lijnen en zigzaglijnen.

  • Het vormstadium: Dat bereikt wordt rond de leeftijd van 3 jaar , wordt gekenmerkt door het verschijnen van vormen zoals vierkanten en cirkels. En dit stadium tekenen kinderen verschillende vormen, maar ook plusjes en kruisjes.

  • Daarna stappen ze heel snel over op het ontwerpstadium, dat gekenmerkt wordt door het vermogen om meer dan 1 eenvoudige vorm te combineren tot een complexere vorm.

  • Als laatste betreden kinderen het picturale stadium: Dat gebeurt tussen het 4de en 5de levensjaar. Op dat moment beginnen hun tekeningen op herkenbare objecten te lijken. Het afbeelden van herkenbare objecten uit de echte wereld kan een grote stap vooruit lijken in vergelijking met eerdere werken, en volwassenen stimuleren het dan ook sterk.

  • In sommige opzichten is de overgang naar representatieve tekening echter te betreuren; het betekent dat kinderen minder interesse krijgen in vorm en ontwerp. Omdat vorm en ontwerp in sommige opzichten essentieel zijn, kan een te sterke nadruk op representatie uiteindelijk nadelen hebben. De grote kunstenaar Picasso merkte ooit op: ‘Ik heb er een heel leven over gedaan om te leren tekenen als een kind’.

Hoofdstuk 9: De cognitieve ontwikkeling in de peuter & kleutertijd:

Соседние файлы в предмете [НЕСОРТИРОВАННОЕ]