Chapter 8 -Appendices
Dankwoord
Eindelijk is het dan zover: mijn proefschrift is af! En daarmee is het tijd om even stil te staan bij alle geweldige mensen die mij, op welke manier dan ook, hebben bijgestaan in mijn promotietijd en bij deze wil ik hen dan ook hartelijk danken. Zonder hen was dit nooit gelukt! Het is helaas onmogelijk om iedereen hier te noemen, maar een aantal mensen wil ik toch graag even speciaal in de schijnwerpers zetten.
Allereerst gaat mijn dank uit naar mijn co-promotor en promotores: Dr. C.B. Hoyng, Prof.dr. F.P.M. Cremers en Prof.dr.A.F. Deutman.
Beste Carel, de allereerste plek behoort jou toe. Ik wil je graag bedanken voor je aanstekelijke enthousiasme, waarmee je mijn interesse voor onderzoek op oogheelkundig gebied hebt doen opvlammen, maar ook voor de vele kostbare vrije uren die je als mijn co-promotor hebt gestoken in het onderzoek. Zowel in goede tijden als bij tegenslagen kon ik op je rekenen en je humor en relativeringsvermogen maakten de overleggen leuk en om naar uit te kijken. Jouw kracht schuilt erin dat je in alles en in iedereen kunt zien wat zijn of haar potentieel is. Geweldig dat je in mij de onderzoeker zag die ik zelf nog niet helemaal ontdekt had!
Beste Frans, nooit had ik gedacht dat genetica zo leuk en spannend kon zijn. Hartelijk dank dat ik altijd bij je terecht kon, of je nu mijn co-promotor was zoals in het begin, of uiteindelijk zelfs mijn promotor. Je gedrevenheid, je overzicht en kennis, waarbij je altijdoogbleefhoudenvoordemensachterdepromovendazijnechtonvergetelijk.De snelheid waarmee je correcties op mijn werk terugstuurde ondanks al je bezigheden had soms wel enige gelijkenis met tafeltennis...
Beste Professor Deutman, bedankt dat U het onderzoek heeft willen ondersteunen als promotor, dat U altijd klaarstond voor een pittige discussie over de overeenkomsten en verschillen tussen de verschillende erfelijke ziektebeelden, en dat U mij de kans en alle mogelijkheden heeft geboden om alle onderzoeksplannen daadwerkelijk ten uitvoer te brengen, voorzien van alle nodige faciliteiten.
Eveneens een welverdiend dankwoord richt ik aan mijn mede-onderzoekers en coauteurs, in het bijzonder Alessandra Maugeri, Marc van Driel, Caroline Klaver, Thomas Theelen, Jef Mulder, Pieter Wesseling. Fijn dat jullie er waren om mee te discussiëren: over het onderzoek en soms nog wel over veel meer.
Beste patiënten, onderzoeksvrijwilligers, technisch specialisten of administratief medewerkers Bellinda van den Helm, Saskia v.d. Velde, Diana Cremers-Buurman, Jacques Janssen, Leonoor Kuhlmann, Huub Winkens, Pieter Wesseling, Hsia Oostendorp-Chao, Aly Boven-Vrijhof, Astrid Starrenburg, Edith Manuel, Anja Mey, Berna Wiellersen en Mariëtte Sloot, OK-medewerksters Anja, Natasja, Rieke en Debby, verpleegkundigen van de verpleegpost en afdeling Oogheelkunde, fotografen
149
Chapter 8 -Appendices
Albert Aandekerk, Evert-Jan Steenbergen, Angeline Hoffman, Sien Bosmeijer en dames van de administratie: jullie hebben allemaal een zinvolle bijdrage gehad aan dit onderzoek. De enorme hoeveelheden bloedbuizen, epjes, formulieren, brieven, foto’s en dossiers die door jullie vingers zijn gegaan zijn niet meer te tellen... Heel veel dank voor jullie bereidheid tot medewerking! Zonder jullie was het onderzoek nooit gelukt!
Vervolgens een speciale plek voor mijn kamergenootjes en mede-promovendi op oogheelkunde: Janneke, Karin, Suzanne, Anton, Edith en Jeroen. Bedankt! Mede door jullie aanwezigheid, medeleven en gesprekjes is onderzoeken niet alleen ‘serious business’ maar ook erg gezellig geworden!
Beste ‘(oud-)antropogenootjes’, in het bijzonder Han, Hannie, Anneke en Ronald, jullie zou ik graag willen bedanken voor het mogen delen in jullie kennis van alle praktische vaardigheden die ik mede dankzij jullie heb aangeleerd en voor alle interesse, vrolijkheid en gezelligheid op het werk en er buitenom. Jullie hebben mijn jaar op het laboratorium onvergetelijk gemaakt.
Beste (oud-)stafleden en (oud-)assistenten Oogheelkunde en Jan van Meurs: fijn dat jullie geholpen hebben bij het verzamelen van families met netvliesloslatingen!
Professor Cruysberg en Dr. Verbeek: fijn dat ik op Uw polikliniek c.q. afdeling carte blanche kreeg om mijn onderzoek naar behoren uit te voeren. Nicole, Siamak, Guus,
Angela, Odette, Pauline, John, Wim, Kathleen, Jeroen, Niels, Frederik, Sandra, Eize, Christel, Marike, Janneke, Chris, Frits, Wanda en Benjamin, bedankt dat jullie mij het gevoel gaven dat je ook als onderzoeker deel uitmaakt van de groep!
Ook mijn ouders Swanny en Edward Go wil ik graag apart noemen. Lieve Mam en Pap, jullie hebben al heel mijn leven achter mij gestaan en mij met raad en daad gesteund in alles wat ik wilde ondernemen. Nooit was er iets onmogelijk en jullie hebben mij altijd met liefde omgeven. Zo ook mijn dank aan mijn lieve zusjes Sioe
Hoey en Sioe Kian. Ik weet dat ik altijd op jullie kan rekenen en dat is wederzijds. Dank dat jullie allen zijn wie jullie zijn en dat jullie mij gemaakt hebben tot wie ik ben.
Lieve schoonouders, zwagers en partners, ook jullie dank ik voor jullie luisterend oor en jullie nooit aflatende steun.Audrey, bedankt voor de mooie DNA-streng!
Hsia en Bianca, wat fantastisch dat jullie mij als paranimfen wilden bijstaan als afvaardiging van nog een belangrijke groep mensen in mijn leven, namelijk die van mijn vrienden en vriendinnen. Ook Lonneke, Stefan, Olga, Jan-Willem, Yiu Loon,
Angéla, Ton, Ingrid en Aïcha, jullie bedank ik graag even apart. Nu ik mijn proefschrift eindelijk echt afheb, kan ik eindelijk weer meer mijn neus laten zien dan de afgelopen
150
Chapter 8 -Appendices
jaren het geval was. Dank dat jullie altijd vertrouwen in mij hebben gehouden!
En ten slotte ‘last, but not least’ een dankwoord voor Milan. Mijn liefste vriendje en partner op elk gebied. Dank je dat je er altijd voor me was, door dik en dun, en dat je me altijd perfect wist aan te vullen. Dat je geduld voor me opbracht als ik weer eens tot laat aan het werk was en dat je ook bij de laatste loodjes mijn steun en toeverlaat wilde zijn op het gebied van de lay-out van dit proefschrift... Love you!
151
Chapter 8 -Appendices
152
